De nieuwsgroep
voor Nederland!

Het Landelijk Forensisch Service Centrum (LFSC) is een afdeling van de Landelijke Eenheid waar specialisten werken die de Forensische Opsporing voor heel de Nederlandse politie ondersteunen. Zij zijn gespecialiseerd op onderwerpen waarvoor dure apparatuur of een specialistische opleiding nodig is. Het gaat dan om dactyloscopie en biometrie, ontmanteling van drugslaboratoria, bijzondere zoekingen, coördinatie van onderzoek bij calamiteiten, en visualisatie en reconstructie bij misdrijven.

Dactyloscopie en biometrie

De specialisten van het team Dactyloscopie identificeren aan de hand van vingerafdrukken en handpalmafdrukken personen voor de strafrechtketen en opsporing. Dit doen zij aan de hand van zogenoemde typica in het lijnenpatroon: karakteristieke punten die gevormd worden door onderbrekingen in de regelmaat van het lijnenpatroon.  Een van de taken van het team is het beheer van Het Automatisch Vingerafdrukken Systeem Nederlandse Kollektie, ook wel HAVANK genoemd. Dit is een geautomatiseerd systeem van de politie voor de verwerking van zogeheten “papillairlijnafdrukken. Dat zijn de lijnen die je ziet aan de binnenkant van vingers en handpalmen (en voeten…). In dit systeem staan de vingerafdrukken van meer dan een miljoen personen.

Lastige sporen
Het team Dacty is gespecialiseerd in het afnemen van dactyloscopische sporen van objecten die op een plaats-delict lastig te af te nemen zijn. Bijvoorbeeld een gedeukt blikje of een plastic zak. Daarvoor is speciale apparatuur nodig.
Dankzij het Europees Raadsbesluit “Prüm” kunnen ook andere landen informatie ophalen uit HAVANK. Op haar beurt kan de Nederlandse politie ook in die andere, op HAVANK-aangesloten landen informatie opvragen. Dit levert geregeld hits op. Daarbij gaat het om ernstige misdrijven of de bekende cold cases.

Biometrische gegevens
Het gebruik van biometrische gegevens (de “meetbare eigenschappen van levende wezens”), zoals gezichtsherkenning, voor de opsporing is in ontwikkeling.

Ontmanteling van drugslaboratoria

Als chemische stoffen een bedreiging voor de omgeving vormen, komt de Landelijke Faciliteit Ondersteuning Ontmantelen ter plaatse, kortweg het LFO. Dat gebeurt hoofdzakelijk bij het aantreffen en ontmantelen van drugslaboratoria van synthetische drugs zoals XTC of amfetamine. Het LFO handelt ook bij incidenten waarbij chemische stoffen betrokken zijn. Wordt er chemisch afval gedumpt in Nederland, dan zorgt het LFO voor ondersteuning.

CBRN-e incidenten
CBRN-e incidenten zijn incidenten waarbij het gaat om Chemische, Biologische, Radiologische of Nucleaire stoffen. De ‘e’ staat voor explosieve stoffen. De medewerkers van het LFO zijn getraind en uitgerust om op het allerhoogste veiligheidsniveau op te treden.

Opleiden
Het LFO geeft ook training en opleiding aan politiemensen. Daarbij gebruikt het LFO een eigen trainingscentrum waar alle voorkomende productieprocessen (rond drugs) zijn opgebouwd. In combinatie met boobytraps, vuur en rook zijn realistische trainingen te geven. Drugslaboratoria zijn de laatste jaren steeds professioneler geworden. Het LFO doet er dan ook alles om die kennis up-to-date te houden.

Bijzondere zoekingen

Ook het team Bijzondere Zoekingen gebruikt speciale apparatuur: om naar vermiste personen te zoeken en om verborgen ruimten te vinden. Met sonar kunnen deze specialisten zoeken in water, met grondradar kunnen zij zoeken diep in de grond, met endoscopen kunnen zij kijken achter muren en zo zijn er nog wel wat meer apparaten waarmee zij kunnen zoeken bij objecten. Informatie wordt verwerkt in Geografische Informatie Systemen, waarbij gebruik wordt gemaakt van luchtfoto’s, satellietfoto’s, topografische kaarten, bodemkaarten enzovoort. Er wordt samengewerkt met externe partners zoals Defensie, Douane en commerciële bedrijven.

Expertteam Visualisatie en Reconstructie

Het vastleggen en visualiseren van een plaats delict (pd) en het reconstrueren van het misdrijf speelt een belangrijke rol in het opsporingsonderzoek en bij de bewijsvoering bij een dergelijk zwaar delict.

Vastleggen
Het ETVR komt in actie bij ernstige delicten zoals moord en doodslag. De deskundigen van dit team moeten de plaats delict nauwkeurig vastleggen. Het team gebruikt daarbij allerlei apparaten zoals landmeetkundige apparatuur, panorama-fotografie, drie-dimensionele laserscans enzovoort. Met de zo verkregen data maken zij visualisaties.

Visualisaties
Een foto zegt soms meer dan duizend woorden. Om te komen tot objectieve bewijsvoering in een onderzoek is het visualiseren (het laten zien) van de feiten belangrijk. Het ETVR maakt:

  • situatietekeningen op schaal
  • panoramafoto’s
  • presentaties
  • animaties
  • 3D geprinte voorwerpen.

Ook maakt het ETVR verschillende soorten reconstructies om inzicht te geven in de toedracht van het delict of om scenario’s te testen. Zo worden plaatsen delict aan de hand van scandata (data verkregen door het scannen met laserscanners) gemodelleerd, zodat de plaats delict op computerschermen rondom te bekijken is. In deze modellen zijn de gevonden sporen in te voeren, evenals beelden van de eventuele lichamen van slachtoffers. Samen met de andere deskundigen, zoals schotbaandeskundigen, bloedpatroonanalisten en forensisch onderzoekers, kan dan het misdrijf gereconstrueerd worden in een virtuele omgeving.

Replicatieonderzoek
Een replicatieonderzoek is een “proef op de som” waarbij wordt getoetst of een bepaalde handeling of gebeurtenis inderdaad het beweerde effect heeft, zoals bij het uitvoeren van botsproeven of schotproeven.

Simulatie
Door sporen op het wegdek te analyseren, worden simulaties op de plaats van ongeval met de betrokken voertuigen nagebootst.

Landelijk Nieuws